Grote steden: opkoopbescherming gaat niet ver genoeg

De vijf grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Eindhoven willen meer mogelijkheden om te kunnen optreden tegen beleggers die huizen opkopen. De opkoopbescherming biedt die ruimte niet. Dat meldt het FD.nl.
Het wetsvoorstel van demissionair minister Kajsa Ollongren gaat volgens hen niet ver genoeg. Dat stellen de woonwethouders van de grootste vijf steden van Nederland vandaag in een reactie op een concept-wetsvoorstel over de zogeheten opkoopbescherming.
Het wetsvoorstel maakt het mogelijk om in een bepaald gebied een opkoopbescherming in te voeren voor koopwoningen. Op deze manier kan worden voorkomen dat huizen in handen van beleggers vallen en dat starters en doorstromers er niet aan te pas komen.
Termijn opkoopbescherming te kort
De opkoopbescherming geldt voor een termijn van drie jaar. Die termijn vinden de steden te kort, omdat de schaarste op de woningmarkt over drie jaar zeker nog niet voorbij is. Ook wordt volgens de gemeenten met het huidige voorstel het probleem van malafide verhuurders niet opgelost.
Lees verder onder de tweet

Grote steden willen meer kunnen doen tegen huisjesmelkers, beleggers die starters uit de markt duwen, hoge huurprijzen en de massale inzet van tijdelijke contracten, staat vandaag in het FD: https://t.co/19j6BQZ5aW
— Woonbond (@Woonbond) January 18, 2021

“Een gemeente moet daarvoor een heel stelsel optuigen”, zegt woonwethouder Laurens Ivens (SP) van de gemeente Amsterdam op FD.nl. Dat gaat nog wel even duren en kost geld. “Het zou bijna een wonder zijn als we de opkoopbescherming over drie jaar hebben ingevoerd én al sancties uitvoeren.”
Regeling alleen voor het goedkope en het middeldure segment
Gemeenten die de opkoopbescherming willen inzetten, kunnen dat alleen doen als ze via onderzoek beargumenteren waarom er schaarste heerst in een buurt. Bovendien geldt de regeling alleen voor het goedkope en het middeldure segment. Gemeenten moeten bepalen welke woningen binnen die klassen vallen. Daarnaast moeten zij de zogeheten huisvestingsverordening aanpassen. Dat kost tijd. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Eindhoven stellen nu dat sommige gemeenten de regeling pas op zijn vroegst in 2023 kunnen inzetten.
Lees verder onder de tweet

De woondeals zijn een van de belangrijkste initiatieven van minister Ollongren om excessen op de huizenmarkt aan te pakken. Twee jaar later wachten grote steden echter nog altijd op landelijke wet- en regelgeving, blijkt uit een rondgang van NRC. https://t.co/qpqi8ARIiv
— NRC (@nrc) January 12, 2021

Woondeals leveren weinig op
Stedelijke gemeentebestuurders meldden vorige week in het NRC dat zij beperkte middelen hebben om excessen op de woningmarkt tegen te gaan. Zij lieten weten dat de zogeheten woondeals die Ollongren twee jaar geleden met hen maakte, weinig hebben opgeleverd.
De vijf steden pleiten voor een regeling die overal in de stad toegepast kan worden en waarmee meteen ook de hoogte van de huur aangepakt kan worden. De gemeenten benadrukken wel blij te zijn dat er aandacht is voor de problematiek op de woningmarkt.

beleggers, Juridische zaken en regelgeving, Nieuws, opkoopbescherming, Verhuur, woondeals