Prinsjesdag 2021: opnieuw 1 miljard voor woningbouw

Het kabinet trekt deze Prinsjesdag opnieuw €1 miljard extra uit voor de snellere bouw van betaalbare woningen. Het geld is bedoeld als een extra impuls voor de woningbouw.

De extra investering staat in de Prinsjesdagstukken, die volgende week dinsdag door het kabinet worden gepresenteerd. Dat bevestigen diverse bronnen aan de NOS.
Hoewel er extra geld komt voor de aanpak van de woningbouw, zal het kabinet geen ingrijpende plannen presenteren om de huidige woningnood aan te pakken. Het opheffen van de verhuurderheffing voor woningcorporaties of het verder verlagen van de hypotheekrenteaftrek is politiek te omstreden. Het kabinet is demissionair en kan dan niet al te grote stappen nemen.
Vuile grond
In 2019 is al €1 miljard gestopt in een pot ‘Woningbouwimpuls’ genoemd. Dit rijksgeld is bedoeld om gemeenten te helpen betaalbare woningen te bewerkstelligen die financieel eigenlijk niet rendabel zijn. Met het geld kan een gemeente bijvoorbeeld vuile grond saneren, de wijk beter bereikbaar maken door een weg of openbaar vervoer aan te leggen of de openbare ruimte inrichten.
De Woningbouwimpuls blijkt populair; in tientallen gemeenten zijn de afgelopen jaren allerlei woningbouwprojecten opgestart. In die projecten moet van de overheid 50 % van de woningen betaalbaar zijn. Het gaat dan om onder meer sociale huurwoningen en huurwoningen van maximaal €1000 of lager.
Prinsjesdag
De pot van de Woningbouwimpuls is nu leeg nadat de derde tranche is uitgekeerd. In december wordt bekend welke projecten een bijdrage krijgen voor het versnellen van de bouw, het vergroten van het aantal nieuwbouwwoningen in een project of het vergroten van de betaalbaarheid van die woningen. Met Prinsjesdag wordt de pot dus weer aangevuld voor een nieuwe variant. Het bedrag kan verspreid worden over een aantal jaar; details zijn nog niet bekend.
Minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) benadrukte afgelopen dinsdag in de Tweede Kamer opnieuw dat het met betrekking tot de woningmarkt gaat om een “complex probleem”. “We moeten niet de illusie hebben dat dat probleem gemakkelijk is op te lossen. Het gaat nog jaren duren.”
Huiverig
Minister Ollongren benadrukte aan de ongeduldige Kamer dat ze aan de lage rentestand, waardoor veel beleggers hun geld in huizen investeren, niets kan doen. Ook over de verlaging van de hypotheekrenteaftrek wordt zeer verschillend gedacht door partijen. De VVD is bijvoorbeeld zeer huiverig om dit belastingvoordeel van huizenbezitters te verlagen.
Een meerderheid van de Tweede Kamer pleit ook voor een afschaffing van de verhuurderheffing, dat is een extra belasting voor woningbouwcorporaties. Dit belemmert voor de corporaties de bouw van goedkope woningen, is de gedeelde mening. Ollongren, van D66, denkt ook dat de verhuurderheffing op termijn onhoudbaar is. Maar de afschaffing ervan kan nu niet geregeld worden, omdat de grootste partij, de VVD, daar niets voor voelt.

Kajsa Ollongren, Nieuwbouw en projectontwikkeling, Politiek en beleid, Prinsjesdag, Prinsjesdagstukken, Uitgelicht, Woningbouwimpuls, Woningmarkt en economie